Kunstschilder uit Hoogezand

Reinder Bleeker (1956) 

De schilderijen van Reinder Bleeker zijn reflecties van de zichtbare realiteit, weergegeven d.m.v. een krachtige en directe penseeltoets gevoed door een sterke drang om te creëren.

Vaak wordt er direct naar onderwerp geschilderd. Dat gebeurt veelal buiten. Door op locatie te schilderen wordt hij gedwongen geconcentreerd, snel en minder doordacht te werken waardoor hij volledig in het ‘hier en nu’ wordt opgenomen. Het schilderen op locatie stelt hem in staat om in direct contact te komen met zijn onderwerp en de elementen. Om te werken op deze directe manier ontstaan schilderijen die levendig, spontaan en transparant zijn. De werken in inkt ontstaan in meerderheid in het atelier. In deze ‘inktschetsen’ worden de impressies van buiten tot het uiterste gereduceerd. Uitgebalanceerde composities met slechts enkele rake, lyrische lijnen zijn dan het resultaat.

 

 

Reinder Bleeker in gesprek met Wim Koeneman

Het moet naar iets leiden

'Mijn schilderijen leiden naar iets, een weg die in het schilderij verdwijnt, een grote waterplas die eindigt in een lichtvlek.

Arie Zuidersma zei eens dat je in een schilderij moet kunnen stappen. Die uitspraak is mij bijgebleven en ik zie dat dat ook in mijn werk gebeurt.'

 
Reinder Bleeker is op 7 augustus 1956 in Veendam geboren en opgegroeid aan de Molenstreek in dezelfde plaats. Daar zag hij als jongen dagelijks schepen voorbijkomen. In het najaar volgeladen met aardappelen. In andere jaargetijden werden enorme vlotten met boomstammen door het kanaal getrokken op weg naar de houtzagerijen verderop. De vlotten werden in Delfzijl gemaakt van de boomstammen die uit Scandinavië in Delfzijl gelost waren. 'Wat mij fascineert in de scheepsvaart is dat je altijd ergens naar toe gaat. Later koppelde ik dat besef met begrippen en bezigheden zoals vrijheid, motorrijden en landschappen aan je voorbij laten gaan. Elk schilderij is voor mij een stap naar een volgende belevenis.'

 
Reinder was al op jonge leeftijd geïnteresseerd in beelden en spaarde allerlei beelddragers uit de jaren zestig en zeventig. Later kwam daar zijn interesse in strips en stripfiguren bij.

Als veertienjarige jongen meldde hij zich als lid bij de schildersclub 'het Palet' in Veendam met het doel om zich verder te ontwikkelen en om toegelaten te worden tot Academie Minerva in Groningen.

Dat kwam er niet van maar Reinder ging onverstoord door met het maken van kunst op allerlei manieren: tekenen, schilderen, beeldhouwen, fotografie, strips. Inspiratiebronnen waren onder andere de surrealistische meesters Magritte, Dali en Miro.

Eind jaren tachtig werd zijn productie minder door zijn drukke werkzaamheden als bouwkundige in verschillende functies. Eind jaren negentig nam hij het penseel weer ter hand en meldde hij zich als lid van de schildersclub Arista in Hoogezand-Sappemeer, de plaats waar hij toen neergestreken was. Met hulp van leermeester Klaas Bil ontwikkelde Reinder zijn eigen stijl.

 

'Toen ik in 1998 weer begon te schilderen wilde ik lekker los schilderen. In feite kun je dat pas doen als je weet hoe iets in elkaar zit. Als een schipper naar een schilderij van een schip van mij kijkt, herkent hij mijn kennis over de bouwtechnieken van schepen. Toch moet een schilderij voor mij losjes ogen, maar de lijnen moeten trefzeker zijn. Het is een totaal omgekeerde werkwijze met mijn beginperiode. Toen dacht ik veel na over mijn werk, waardoor het gekunsteld leek. Momenteel schilder ik veel buiten en mijn schilderijen zijn reflecties van mijn aanwezigheid in een bepaalde omgeving. Dat kan een landschap zijn, een dorpsgezicht, water, schepen, werven, een bepaald stadsbeeld. Een schilderij van mij moet iets van de emotie van het moment laten zien. Ik schilder wat ik zie, waar ik ben. Voor mij geldt “fouten bestaan niet”. Het gaat mij erom dat ik lekker schilder en een ‘goed’ schilderij maak.

 

Ik ben eigenlijk een hele precieze schilder die op een niet precieze manier wil schilderen. Dat kan ik eigenlijk alleen maar doen als ik weet hoe iets in elkaar zit. Mijn pentekeningen zijn een resultaat van deze manier van kijken. Mijn doel is om met een paar lijnen een complete situatie neer te zetten door de essenties van een bepaald beeld te onthouden. Ook mogen geen twee lijnen hetzelfde zijn in mijn inktschetsen en schilderijen.

De voorkeur voor de aardrode kleur in deze schetsen komt voort uit een reis door Afrika die ik al weer heel wat jaren geleden gemaakt heb. Daar werd ik getroffen door de harmonie van landschap, mensen en bebouwing. De terracottakleur van de aarde, de hutjes van de mensen die op een bepaalde manier geverfd waren. Alles was op zijn plaats. Bepaalde landschappen zijn door invloeden van weer en wind tot essenties teruggebracht. Dat zie je aan de bomen en aan de “geëtste” rotsformaties. Het terugbrengen tot essenties, dat blijft de grote uitdaging voor mijn schilderwerk. Daarom worstel ik vaak met de vraag wanneer ik moet stoppen om een schilderij een zekere losheid te laten houden.'

Reinder was in de jaren zeventig een introverte kunstenaar, iemand die zijn werk niet 'verkocht'. Maar hij heeft zich ontwikkeld tot een zelfbewuste kunstenaar die graag ‘het stuur in eigen handen houdt.’ Die zijn vrijheid lief is en zich in zijn werk laat leiden door het moment en de kijker graag meeneemt naar een wereld zoals hij die op dat moment zag en voelde en waarin hij zich op dat moment bewoog. Het resultaat zijn expressieve schilderijen van klein tot zeer groot formaat en prachtige inktschetsen. 'Elk schilderij is weer een stap naar de volgende……….' zegt Reinder.

Kijkt u mee?

 

Wim Koeneman, 8 december 2008

 

Naar boven

 

 

 

 

 





(--) | omhoog | >> volgende